Dit artikel is ook te downloaden als Word document: klik, of als pdf file: klik.

De Psycholoog, februari 2008

Volgens de nieuwste Beroepscode kan een cliënt een afschrift krijgen van zijn testgegevens, inclusief de testvragen — dit onder druk van het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP).
In het november nummer De Psycholoog van schetste Wim K.B. Hofstee een ‘werkbare oplossing’ voor het gevaar dat ‘tests nu op straat komen te liggen’.
In reactie hierop betoogt Peter Tellegen dat deze gedragscode van het NIP in strijd is met het auteursrecht en dat het standpunt van het CBP niet bindend is.

Bescherming van testmateriaal
en de nieuwe beroepscode van het NIP

Peter Tellegen

Een reactie op Hofstee (2007)



In de Algemene Standaard Testgebruik NIP wordt nadrukkelijk gesteld dat het van groot belang is dat psychologen testmateriaal in stand houden door te voorkomen dat dit door verkeerde of ongeautoriseerde toepassing (bijvoorbeeld publiek maken) onbruikbaar wordt. De mededeling in het artikel van Hofstee dat psychologen die bij het NIP zijn aangesloten op grond van de nieuwe beroepscode verplicht zijn om aan cliënten een kopie van de testgegevens, inclusief vragen c.q. opgaven, te verstrekken, is hiermee in strijd en komt als een volslagen verrassing. Noch in het artikel van de voorzitter van de Rabez over de belangrijkste veranderingen in de beroepscode (De Psycholoog, december 2006), noch in de informatie van de COTAN op de website van het NIP, wordt deze consequentie genoemd. In de praktijk wordt er echter wel al naar gehandeld. Enkele weken na het verschijnen van het artikel van Hofstee krijgt de ouder van een getest kind van de COTAN te horen dat zij, indien de psycholoog is aangesloten bij het NIP, recht heeft op een afschrift van de toetsvragen van de NIO, een intelligentietest die op grote schaal binnen het onderwijs wordt gebruikt. In de daaropvolgende correspondentie deelt de COTAN de psycholoog mee dat deze juridisch verplicht is om een kopie van de opgaven van de NIO te verstrekken (zie rubriek “Tests op straat”).

Bij de verplichting om kopieën te verstrekken wordt voorbijgegaan aan het auteursrecht en de koopovereenkomst tussen psycholoog en uitgever waarin is vastgelegd dat dit uitsluitend is toegestaan na voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. De mening van Hofstee dat deze toestemming niet nodig is, is niet juist en ook in strijd met de International Guidelines for Test Use van de International Test Commission.

Om het gevaar te keren dat de verspreiding van testmateriaal tot misbruik leidt, worden door Hofstee maatregelen voorgesteld zoals een stempel op het materiaal en het laten tekenen van een verklaring, waarmee misbruik echter niet afdoende wordt voorkomen. In het geval van de NIO bijvoorbeeld zouden vanaf nu duizenden ouders en leerlingen zonder nadere motivatie een kopie kunnen krijgen van de testopgaven. Deze informatie is ongetwijfeld zeer gewild aangezien van de testuitkomst veel afhangt voor het te volgen niveau van voortgezet onderwijs. Als op grote schaal sprake kan zijn van voorkennis dan zijn tests als de NIO definitief onbruikbaar geworden. Alleen al het feit dat zoveel personen in bezit kunnen zijn van de opgaven is voldoende om het vertrouwen in een test te verliezen.

Het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) heeft het NIP dwingend geadviseerd de uitzonderingsbepaling met betrekking tot ruwe testgegevens ongedaan te maken. Het gaat hierbij om door de cliënt verstrekte gegevens waarop deze volgens de wet recht van inzage heeft. De situatie is echter minder duidelijk met betrekking tot het verstrekken van een kopie van de testopgaven. In antwoord op vragen die december 2007 zijn gesteld laat het CBP weten dat zij voor het NIP in augustus 2005 het onderwerp ‘ruwe testgegevens’ nader heeft uitgewerkt: “Onder ruwe testgegevens werd in dit kader verstaan de testvragen met de daarbij behorende antwoorden van een cliënt. De antwoorden zijn niet zonder meer los te koppelen van de testvragen.” Dit standpunt is aanvechtbaar en het CBP is hier ook niet zeker van. In antwoord op de vraag of van de cliënt verlangd kan worden een verklaring te tekenen om de gegevens uit zijn dossier niet met anderen te delen, stelt het CBP: ”Een betrokkene heeft recht op inzage in zijn eigen gegevens, indien hij zijn gegevens verkregen heeft mag hij zelf bepalen wat hij met zijn gegevens doet. De testvragen zonder de antwoorden van de betrokkene zijn in de zin van de Wet Bescherming Persoonsgegevens geen persoonsgegevens.

Dat de nadere uitwerking van het CBP niet beschouwd kan worden als een juridisch bindend besluit blijkt ook uit het volgende:

  • Het CBP laat weten dat het onvoldoende op de hoogte is van het Auteursrecht om dit aspect mee te wegen.
  • Direct betrokkenen zoals auteurs en testuitgevers zijn niet gehoord.
  • Het CBP geeft aan dat de bescherming van rechten en vrijheden van anderen een grond kan zijn om inzage in ruwe testgegevens te weigeren.
  • Er is geen aandacht besteed aan de grote economische schade die wordt toegebracht indien testmateriaal openbaar wordt.
  • Inzagerecht betekent niet automatisch recht op een kopie. In bijzondere situaties kan worden verlangd dat inzage ter plekke geschiedt.
  • De nadere uitwerking die het CBP ten behoeve van het NIP heeft gedaan is niet gepubliceerd.

Aan de juristen van het Nederlands Uitgeversverbond is de vraag voorgelegd hoe de privacywetgeving zich verhoudt tot de Auteurswet. Hun conclusie is dat de gedragscode van het NIP in strijd is met het auteursrecht en dat het – zonder afbreuk te doen aan ieders belangen – zo zal worden uitgelegd dat cliënten desgevraagd recht hebben op een kopie van de testresultaten en inzage in de testvragen. Het belang van de psychologie is ermee gediend als de beroepsvereniging dit standpunt onderschrijft en zo nodig tot voor de rechter verdedigt.


Dr. P.J. Tellegen is universitair docent bij de Rijksuniversiteit Groningen en auteur van een aantal intelligentietests. E-mailadres < p.j.tellegen@rug.nl >


Literatuur
Hofstee, W. K.B. (2007). Recht op afschrift van het dossier. Komen tests nu op straat te liggen? De Psycholoog, 42, 618-619.
Koene, C. (2006). Code 07. De Psycholoog, 41, 688-691.

Noot van de redactie
Voor de meest recente ontwikkelingen zie < www.cotan.nl >



Voor de reactie van het NIP op de recente ontwikkelingen, zie op deze site: NIP zoekt nuancering beroepscode over testgegevens, of hetzelfde artikel op de site van het NIP: www.cotan.nl


to top to top to top to top

homepage T&T homepage SON-tests