Intelligentietests voor jonge kinderen Intelligentietests voor jonge kinderen A nonverbal alternative to the Wechsler scale A nonverbal alternative to the Wechsler scale Cross-cultural research with the SON-tests Cross-cultural research with the SON-tests
Construction & Validation of the SON-R 5.5-17 Construction & Validation of the SON-R 5.5-17 Is the SON-R 5.5-17 a test for learning potential? Is the SON-R 5.5-17 a test for learning potential? De SON-R tests voor personen met een verstandelijke handicap De SON-R tests voor personen met een verstandelijke handicap
De verkorte vorm van de SON-R 5.5-17 De verkorte vorm van de SON-R 5.5-17 Bibliography SON-tests Bibliography SON-tests Cultural bias in a nonverbal intelligence test Cultural bias in a nonverbal intelligence test
De SON-test in Kenia De SON-test in Kenia De SON-test in Marokko De SON-test in Marokko Fair Assessment of Cultural Minorities


Dit artikel is ook te downloaden als Word document: klik.

De SON-R tests en normen
voor personen met een verstandelijke handicap

dr. P.J. Tellegen

Persoonlijkheids- en Onderwijspsychologie
Rijksuniversiteit Groningen

3 juni 2002

Het gebruik van intelligentietests voor personen met verstandelijke handicaps kent twee belangrijke problemen. In de eerste plaats zijn het testmateriaal, de instructies en het moeilijkheidsniveau van de opgaven vaak niet in overeenstemming met de mogelijkheden van personen met verstandelijke beperkingen. In de tweede plaats worden de normeringen voor IQ-scores lager dan 70 minder betrouwbaar en wordt er mede daarom vaak een ondergrens voor de berekening van IQ-scores in de normtabellen gehanteerd (bijvoorbeeld 50 of 60).

De grenzen bij de afname van de SON-tests zijn als volgt:

test leeftijdsgrenzen IQ IQ - range referentieleeftijd
SON-R 2.5-7 2;0 - 7;11 jaar 50 - 150 2;0 - 8;0 jaar
SON-R 5.5-17 5;6 - 16;11 jaar 55 - 145 5;0 - 17;5 jaar

Bij de constructie van de normtabellen van de SON-R 5.5-17 is de leeftijd van 17 jaar als bovengrens gehanteerd. Aangezien echter de testprestaties vanaf 13/14 jaar nog maar heel weinig toenemen kan deze test zeker gebruikt worden om ook voor volwassenen een IQ te bepalen. Vanaf een jaar of vijftig lijkt dit niet meer verantwoord omdat dan verouderingsverschijnselen een negatieve invloed krijgen op de testprestaties.

Als grens voor het aanwezig zijn van verstandelijke beperkingen wordt veelal een IQ-score van 70 gehanteerd (zie bijvoorbeeld Resing & Blok in De Psycholoog, mei 2002, p. 244-249) Om te bepalen of men onder of boven deze grens zit, zijn de SON-tests voor een groot leeftijdsbereik geschikt. Indien het vermoeden van een handicap bestaat, is aan te raden om tot de leeftijd van 8 jaar de SON-R 2.5-7 te gebruiken. Voor tweejarigen met een verstandelijke handicap is de SON-R 2.5-7 minder geschikt. Vanaf 8 jaar tot circa 50 jaar kan de SON-R 5.5-17 gebruikt worden om na te gaan of het IQ lager is dan 70.

Om goed te kunnen differentiëren tussen de verschillende niveaus van verstandelijke beperkingen, hetgeen kan variëren van lichte verstandelijke beperking tot diep zwakzinnig, zijn IQ-scores niet geschikt. Zo wordt als grens voor diep zwakzinnigheid wel een IQ van 20 of 25 genoemd terwijl de ondergrens voor het IQ bij de SON-R 50 of 55 is. Het zou gigantische inspanningen vergen om betrouwbare IQ-normen te construeren in de range van 10 tot 70. Wat men nu soms doet is veelal speculatief en niet goed vergelijkbaar tussen tests. Zo zouden volgens de correcte statistische definitie slechts 5 personen in Nederland een IQ hebben van 25 of lager. Echter veel meer personen worden beschouwd als diep zwakzinnig.

Een goed alternatief voor de interpretatie van testscores van personen met verstandelijke beperkingen biedt de referentieleeftijd, ook wel mentale leeftijd genoemd. Dit is de leeftijd waarop iemand met de testprestaties van de onderzochte persoon een IQ zou krijgen van 100. Wat de testopgaven betreft functioneert de onderzochte dus op het niveau van een doorsneepersoon van die leeftijd. We geven aan de term referentieleeftijd de voorkeur omdat het testgedrag veel beperkter is dan ‘het’ mentale functioneren. Een refentieleeftijd kan altijd gemakkelijk berekend worden voor afzonderlijke subtestscores. Voor een totale testuitkomst is het veel ingewikkelder. Het kan bij de SON-R tests op een eenvoudige en zeer nauwkeurige manier met het bij de tests geleverde computerprogramma.

Referentieleeftijden van 2 tot 8 jaar kunnen bij de SON-R 2.5-7 bepaald worden, en vanaf 5 jaar bij de SON-R 5.5-17. De feitelijke leeftijd van de onderzochte is hierbij niet van belang. Bij de referentieleeftijd wordt dus niet gekeken in hoeverre de prestaties van de onderzochte afwijken van die van zijn leeftijdsgenoten (zoals bij het IQ), maar juist met welke leeftijd zijn prestaties overeenkomen. Op deze manier kunnen personen met een verstandelijke handicap toch goed onderling vergeleken worden, ook wanneer het niveau heel laag is en er grote leeftijdsverschillen zijn.

De verwachting van een IQ-score is dat deze in de loop van de ontwikkeling redelijk stabiel zal zijn. Dit geldt niet voor de referentieleeftijd. Bij kinderen met een verstandelijke beperking zal deze op jonge leeftijd waarschijnlijk toenemen, hoewel minder sterk dan de feitelijke leeftijd. Bij personen die nog in ontwikkeling zijn is het dus niet verantwoord om maatregelen te baseren op een referentieleeftijd die jaren eerder is vastgesteld.

In de handleiding van de SON-R 5.5-17 is een tabel opgenomen die inzicht geeft in de relatie tussen IQ, feitelijke leeftijd en referentieleeftijd. Hieruit blijkt dat bij de feitelijke leeftijd van 7;6 jaar een IQ van 60 correspondeert met een referentieleeftijd van 5;0 jaar. Bij 10;6 jaar en een IQ van 60 is de referentieleeftijd 6;4 jaar en bij 13;6 jaar en een IQ van 60 is de referentieleeftijd 7;0 jaar. Indien dit dezelfde persoon betrof was de referentieleeftijd de laatste drie jaar maar met 8 maanden toegenomen.

Bij personen met een IQ lager dan 60, zal de referentieleeftijd minder zijn dan 8;0 jaar. In deze gevallen, ook wanneer het om volwassenen gaat, zal men dus de SON-R 2.5-7 kunnen gebruiken om de referentieleeftijd te bepalen.

Bij IQ-scores van 60 en hoger zal vanaf de feitelijke leeftijd van 7;6 jaar de refentieleeftijd hoger zijn dan 5;0 jaar. In deze gevallen zal men dus de SON-R 5.5-17 kunnen gebruiken.

Of men in een overgangsgebied voor de SON-R 2.5-7 kiest dan wel voor de SON-R 5.5-17, is van veel factoren afhankelijk. Voor personen met meer ernstige verstandelijke beperkingen is de SON-R 2.5-7 waarschijnlijk het meest aantrekkelijke alternatief. Van praktisch belang is dat zowel de IQ-scores, als de referentieleeftijden van beide tests, onderling goed vergelijkbaar zijn en dezelfde betekenis hebben.

Grote voordelen van beide SON-tests voor de diagnostiek van verstandelijk gehandicapten zijn het niet-verbale karakter, de afwezigheid van testen op kennis, geen tijdlimieten, de adaptieve procedures waardoor niet te moeilijk wordt getest, en het geven van feedback bij de afname.


to top to top to top to top

homepage T&T homepage SON-tests